Persberichten

1927-1929 ik rol ...

1927 - 1929 - ik rol ...

 

De eerste Volvo ziet het daglicht op 14 april 1927. De ÖV4 met de bijnaam "Jakob" komt dan uit de fabriek in Göteborg. Het avontuur is echter al een paar jaar eerder van start gegaan ...


In de jaren '20 beleeft de auto zowel in de VS als in Europa een heuse doorbraak. In 1923 wordt er in Göteborg een jubileumtentoonstelling gehouden, waaraan door 97 auto-exposanten wordt deelgenomen. Deze tentoonstelling leidt ertoe dat de mensen in Zweden serieus interesse krijgen in auto's. Aan het begin van de jaren '20 worden er zo'n 12.000 auto's per jaar in Zweden ingevoerd. Na 1925 stijgt dit cijfer naar zo'n 14.500 auto's per jaar.


Op de internationale markt is het tot dan toe heel gebruikelijk voor autoproducenten om onderdelen te zoeken in branchecatalogi, deze in te kopen, en daarmee een auto samen te stellen. Deze werkwijze leidde niet tot een bijzonder hoge kwaliteit en veel van deze producenten verdwenen al snel.


Voor de initiatiefnemers van Volvo is kwaliteit echter van het allergrootste belang. Hun basisidee is om zelf het ontwerp voor de auto te maken, de onderdelen te schetsen en leveranciers te selecteren om deze onderdelen te maken op basis van die specificaties. Vervolgens wordt het assemblagewerk gedaan met behulp van ervaren autobouwers.


Dit basisconcept wordt al in 1926 geformuleerd en is vandaag de dag nog steeds van toepassing op de manier waarop Volvo auto's maakt.

 

De mensen achter Volvo
Assar Gabrielsson en Gustaf Larson zijn de twee mannen die aan de wieg staan van Volvo.


Gabrielsson is een afgestudeerd econoom en zakenman. Zijn loopbaan begint bij SKF in Göteborg. Na verloop van tijd wordt hij hoofd van de dochteronderneming van SKF in Frankrijk. Hij ziet dat kogellagers uit Zweden tegen een lagere prijs kunnen worden verkocht dan mogelijk is voor leveranciers uit de Verenigde Staten. Een van de redenen hiervoor is dat de arbeidslonen in Zweden lager zijn dan in veel andere landen. Waarschijnlijk bedenkt Gabrielsson tijdens zijn verblijf in Frankrijk dat Zweden wellicht een geschikte plek is voor het produceren van auto's. In 1923 gaat hij terug naar Zweden en wordt hij salesmanager voor SKF.


Gustaf Larson is ingenieur en ontwerper. Als trainee werkt hij bij White & Poppy in Coventry in Engeland. Daar is hij onder meer betrokken bij het ontwerpen van motoren voor Morris. In 1917 gaat Larson terug naar Zweden en studeert hij af aan de Technische Universiteit van Stockholm.   Hij gaat drie jaar aan de slag als ingenieur bij SKF in Göteborg en keert daarna teug naar Stockholm.


Assar Gabrielsson en Gustaf Larson hebben dus verschillende mogelijkheden om elkaar te ontmoeten via hun gemeenschappelijke werkgever. Het kan goed zijn dat de twee mannen op dit moment het idee ontwikkelen van een auto van Zweedse makelij.

 

Twee mannen ontwikkelen een idee

In de zomer van 1924 gaan Gabrielsson en Larson serieus het gesprek met elkaar aan over hun plannen voor het produceren van auto's. Zij worden het in augustus met elkaar eens en in september is er al een aanzet voor het eerste ontwerp.


Larson werkt aan het ontwerp naast zijn reguliere baan. Hij brengt een team van jonge technici bij elkaar in zijn huis in Stockholm.


In juli 1926 zijn de tekeningen voor het eerste chassis klaar. Het is de taak van Gabrielsson om geld te vinden voor het project, maar zijn pogingen leveren niet het gewenste resultaat op. Larson en Gabrielsson realiseren zich dat het waarschijnlijker beter zou gaan als zij een aantal proefauto's kunnen laten zien aan hun toekomstige financiers. De twee mannen besluiten daarom een serie van tien testauto's te produceren, waarvan negen open modellen en één gesloten.


De eerste testauto's werden in negen maanden tijd geproduceerd en deze keer slaagt Gabrielsson er wel in om financiële steun te krijgen.

 

De naam wordt Volvo

Nu er iets concreets te zien is, krijgt SKF interesse.


Het bedrijf was aanvankelijk wat terughoudend, maar het staat nu garant voor een eerste serie van 1.000 auto's (500 open en 500 gesloten modellen) en is bereid om deze te financieren.


SKF zorgt ook voor de fabriek en de naam, AB Volvo, die al eerder gebruikt is voor een onderneming. Volvo is Latijn en betekent "ik rol".


Het voorbereidende werk en de ontwikkelingsperiode zijn nu achter de rug. 1927, het jaar waarin de eerste auto's in serieproductie op de markt komen, wordt officieel aangemerkt als het jaar waarin Volvo met zijn bedrijfsactiviteiten van start gaat.

 

1927
De eerste auto die op 14 april 1927 in serieproductie uit de fabriek in Hisingen (Göteborg) komt, was de ÖV4, bijgenaamd ''Jakob''. Een nieuw tijdperk in de Zweedse industriële geschiedenis is aangebroken.


De ÖV4 is geënt op een Amerikaans ontwerp en heeft een krachtig chassis en assen met lange bladveren aan de voor- en achterzijde.


De viercilindermotor levert 28 pk bij 2000 t/pm. De maximumsnelheid is 90 km/u, maar Volvo adviseert een rijsnelheid van 60 km/u.


De auto heeft 20" artillerie wielen met houten spaken in de oorspronkelijke kleur en afneembare velgen. De open carrosserie biedt ruimte voor 5 zitplaatsen. De vier deuren zijn van essen- en beukenhout en afgewerkt met plaatstaal. De bekleding is van leer.


Het open model kost 4.800 Zweedse kronen. Het gesloten model (de PV4) kost bij de lancering 5.800 Zweedse kronen. Het eerste jaar verloopt de verkoop moeizaam - in totaal worden er slechts 297 auto's verkocht. Een van de redenen hiervoor is de hoge kwaliteit en het strikte toezicht waaraan de leveranciers worden onderworpen.

 

1928
De belangstelling voor het gesloten model blijkt groter dan verwacht en het oorspronkelijke plan van 500 open 500 gesloten modellen moet al snel worden herzien.


De Volvo Special wordt gelanceerd. Dit is een grotere versie van de PV4. De auto heeft een grotere motorkap, een meer gestroomlijnde torpedovorm, kleinere steunen voor de voorruit, een rechthoekige achterruit en is standaard uitgerust met bumpers. Voorwielremmen zijn leverbaar voor een aanvullend bedrag van 200 Zweedse kronen.


In hetzelfde jaar brengt Volvo ook een vrachtwagen, de Type 1, op de markt. In 1927 zijn er al enkele bestelbusjes gebouwd op het chassis van de Jakob en plannen voor de productie van vrachtwagens dateren al van 1926 gepland toen de eerste tekeningen werden gemaakt. De vrachtwagenonderneming is een succes.  

Gedurende de eerste decennia van Volvo speelt de productie van vrachtwagens en vervolgens van bussen een dominante rol.


In 1928 wordt de eerste buitenlandse onderneming van Volvo, Oy Volvo Auto AB, opgericht in Helsinki (Finland).

 

1929
Al sinds de "Jakob" is Volvo bezig met het ontwikkelen van het idee van een auto met een zescilindermotor. Het produceren van auto's met een viercilindermotor loopt daarom al na het produceren van 996 auto's in plaats van de geplande 1.000 ten einde. De 650 is hetzelfde model dat wordt geleverd als een chassis zonder carrosserie. De sterkere motor wordt goed ontvangen. Dit geldt vooral voor de taximarkt, waar Volvo in het bijzonder voet aan de grond wil krijgen.


In 1929 worden er in totaal 1.383 auto's verkocht. Zevenentwintig daarvan worden geëxporteerd. In Zweden verschijnt het eerste tijdschrift voor eigenaars van een Volvo. De naam van het tijdschrift is "Ratten" (Het Stuurwiel). Volvo maakt voor het eerst een bescheiden winst.

 

ERNST GRAUERS IN STOCKHOLM. GRAUERS, EEN VAN DE EERSTE VOLVO DEALERS, KOOPT DE EERSTE SERIEPRODUCTIE VAN DE ÖV4. GRAUERS IS ER ZELF BIJ ALS DE AUTO UIT DE FABRIEK IN GÖTEBORG  KOMT. ASSAR GABRIELSSON EN GRAUERS RIJDEN SAMEN IN DE AUTO NAAR STOCKHOLM. DE AUTO WORDT BUITEN DE FABRIEK IN BRUNKEBERGSTORG GETOOND EN KRIJGT VEEL BELANGSTELLING.

Keywords:
Overzicht, Historie
Omschrijvingen en feiten in dit persmateriaal zijn gerelateerd aan Volvo Cars`s internationale auto gamma. Omschreven features kunnen optioneel zijn. Voertuigomschrijvingen kunnen variëren per land en mogen worden aangepast zonder voorafgaande notificatie.
Contact